Zelfregulering of keiharde regelgeving?

We eten ons ziek en hoe gaan we dat tij keren? De WRR (zie column Belasting op ongezond eten) adviseert de overheid om keiharde regels in te stellen die ongezonde voeding uit de markt moeten prijzen. Voorlichting alleen helpt niet en de gezondheidskosten lopen maar op bij een bevolking die al voor 50% overgewicht heeft. Martin van Hees, hoogleraar ethiek, en Mark van de Vlede, medewerker van de TeldersStichting, zijn tegen wetgeving op ongezonde voeding. Want: “Een officieel eetbeleid is een voedingsbodem voor onverdraagzaamheid jegens mensen die lang en gezond leven vast wel belangrijk vinden, maar niet tegen elke prijs.” (de Volkskrant, 14-10-14). En de overheid is geen bedrijf die ons mag beïnvloeden: “zij maakt en handhaaft wetten en heeft ons vertrouwen nodig.”

In dezelfde editie van de Volkskrant fileert conceptmaker Scat van Opstall de ‘vage vinkjes’ van de stichting Ik Kies Bewust Stichting, waarin multinationals als Unilever met het door de overheid gefinancierde Voedingscentrum bepalen wat een gezonde en bewuste keuze is. Dat zijn de cola lights, de magere fruitmelk met 99% suiker en duizenden andere onzinproducten die voor het logo betalen en daarmee de consument collectief misleiden. “Den Haag geeft de regie volkomen uit handen gegeven,” stelt Van Opstall vast. “De directie van Suikermelk BV ligt in een deuk en ik neem het ze niet kwalijk. Bedrijven moeten winst maken om gezond te blijven. En de overheid moet beleid maken om de burgers gezond te houden. Kies bewust voor keiharde regulering, zou ik zeggen.”

We vinden het niet gek dat de overheid na heel veel leed met woekerpolissen en woekerhypotheekproducten paal en perk stelt aan de wanproducten uit de financiële hosannatijd. We vinden het ook niet gek dat de rookindustrie enigszins tot de orde is geroepen door de overheid. Daar heb ik nog ethicus over horen klagen. Zo zouden we het ook niet gek moeten vinden, na het uitbreken van de grootste ziekte-epidemie ter wereld, dat de makers van ongezonde voeding eindelijk worden aangepakt en ook hun producten via accijnzen veel duurder worden (dan gezonde producten). Als die situatie een feit is dan kan het ethische bezwaar van Van Hees en Van de Vlede herschreven worden: “Een officieel eetbeleid dat ongezonde voeding uit de markt prijs beschermt kwetsbare mensen tegen onverdraagzaamheid, omdat ze minder kans hebben op overgewicht en ziektes.” Zo levert gezonde voeding een bijdrage aan het Bruto Nationaal Geluk en wordt de afwenteling van de schade op de collectieve gezondheidszorg eindelijk gestopt.

Belasting op ongezond eten

Als het aan de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) ligt, gaat de overhead paal en perk stellen aan wat we eten. Suiker, zout, fout vet en dierlijke producten gaan in de ban of worden de markt uit geprijsd ten gunste van groenten, fruit, brood, peulvruchten en noten. Ongeveer de helft van de Nederlanders is voorstander, de andere helft is tegenstander, bleek

Een ongezonde maaltijd bestaande uit cola, friet en hamburger voor nog geen 3 euro... Voor een broodje gezond met spa ben je meer kwijt!
Een ongezonde maaltijd bestaande uit cola, friet en hamburger voor nog geen 3 euro… Voor een broodje gezond met spa ben je meer kwijt!

uit een meting in Standpunt NL. Mooi vertrekpunt.

Er is een parallel tussen de WRR voorstellen voor ongezond eten en het anti-rookbeleid. Om het ongezonde roken te ontmoedigen zijn de belastingen sterk verhoogd en moet op de verpakking gewaarschuwd worden dat het rookartikel dodelijk is. In Nederland gebeurt dat nog veel te slap in vergelijking met Australië. Daar kost een pakje sigaretten 20 euro, staan verziekte organen op de verpakking en mag je nergens in de openbare ruimten roken, zelfs niet op het terras of in de buurt daarvan. Australië is met Denemarken het land waar ook geëxperimenteerd is met belasting op ongezonde voedingsingrediënten, zoals suiker, vet en zout. De drijvende reden erachter is de voortdurende stijging van de gezondheidskosten. Het gezondheidszorg systeem in Australië is zeer toegankelijk voor iedereen. De schadelijke effecten van roken en ongezond eten worden afgewenteld op de gezondheidszorg. Ook in Nederland kennen we dat effect: het zorgbudget van meer dan 90 miljard euro maakt 15% van onze overheidsbegroting uit. Het dwingt de overheid maatregelen te nemen om de veroorzakers van de stijgende zorgkosten, waaronder ongezond eten, weg te nemen.

In Nederland wordt momenteel getracht om met de kaasschaaf de zorgkosten in de klauwen te houden. Sluiting van zorgtehuizen, inperking van het persoonsgebonden budget en continue verhoging van het eigen risico voor de zorgverzekering zijn enkele voorbeelden. Veel logischer zou het zijn om aantoonbaar schadelijke voedingsingrediënten, zoals suiker, niet langer via EU-subsidies te ondersteunen, maar juist als basisgrondstof te belasten. Dat laatste geldt ook voor chemisch-synthetische zoetmakers – die eigenlijk gewoon verboden dienen te worden -, zout en transvetzuren. De biologische normen voor dierlijke productie zouden de minimumnorm moeten worden, waardoor de prijs stijgt en de consumptie ervan daalt.

Wie in afwachting van overheidsbeleid alvast gezond wil eten, kiest vooral voor vers, bij voorkeur biologisch. En neem de tijd om zelf de maaltijd te bereiden en er lekker van te genieten.

Wanneer gaat de vervuiler betalen?

Gezonde voeding begint bij een gezonde landbouwen een gezonde natuur. De biologische landbouw en voeding wordt door de wetgevers in Brussel als een soort ‘safe haven’ beschouwd voor consumenten die natuurlijk en gifvrij willen eten. Dat zijn er steeds meer en dus willen die wetgevers deze uitvluchtconsumenten ‘beschermen’ met strenge maatregelen op residuen van chemische bestrijdingsmiddelen en gmo’s in biologische producten. In het nieuwe wetgevingsvoorstel van de commissie mogen biologische producten die meer dan tien op een miljard deeltjes chemische bestrijdingsmiddelen bevatten niet meer als biologisch verkocht worden. De consument verwacht van biologische producten immers dat ze schoon en residuvrij zijn.

Was het leven maar zo eenvoudig… De biologische landbouw vindt niet onder een kaasstolp plaats en heeft dus ook gewoon te dealen met de invloeden van buitenaf. Via lucht, water en bodem kunnen vervuilingen van buitenaf neerstrijken op de biologische akker. Een Zwitserse onderzoeker heeft aangetoond dat bijna alle levensmiddelen, ook biologische, nanopartikels van plastics bevatten. De plastic soep in de oceanen vindt via de kringloop ook zijn weg naar de akker. Het zelfde effect zien we met bestrijdingsmiddelen uit de organochloorgroep en natuurlijk het ooit veelgeprezen wondermiddel Round-up van Monsanto. Deze middelen worden in heel veel grondstoffen aangetroffen waarop ze nooit actief gebruikt zijn. Om maar te zwijgen van de contaminatierisico’s van gmo’s.

Nu al geeft het Nederlandse biologische bedrijfsleven vermogens uit aan preventieve maatregelen en laboratoria voor residutesten om zoveel mogelijk te voldoen aan de consumentenverwachting. Het zou wel heel wrang zijn dat een biologische boer, die geen gebruik maakt van chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen en gmo’s, straks zijn producten bij de minste geringste contaminatie afgekeurd ziet worden vanwege gif dat door anderen in grote hoeveelheden gebruikt wordt.

Het is onbegrijpelijk dat de biologische landbouw- en voedingssector die geen chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen gebruikt gestraft wordt voor de schade die vervuilers in omloop brengen. Als het principe dat de vervuiler betaald eindelijk toegepast zou worden, dan zouden de vervuilers heel snel minder vervuilen. Nu wordt de biologische landbouw en voeding in de onmogelijk positie gebracht om de oprukkende vervuiling te weren, terwijl zij juist een bijdrage levert aan gezonde landbouw en gezonde natuur.

Bij iedere contaminatie van een biologisch product raakt de op gezondheid beluste consument aan het twijfelen of biologisch voor hem wel de juiste oplossing biedt. Daarom geeft de biologische sector zo veel geld uit aan preventie en analyses. Maar op termijn is dit model niet houdbaar. Het is de vervuilende industrie en landbouw die zelf verantwoordelijk moet de schade en risico’s die zij aanrichten. Ondertussen rest er voor de consument met gezond verstand slechts een oplossing: koop zoveel mogelijk biologisch, want hoe meer biologische landbouw er is, des te groter de kans op schone en gezonde landbouwproducten.